Ervaring van Esther

Esther staat al een tijd meer in de ontvang-modus dan in het goede-geef-gevoel. Ze heeft ermee leren omgaan, maar het duurde even om daarin de goede balans te vinden. Ze is opgevoed met het gedachtengoed dat geven beter is dan nemen. Als je een samenvatting van haar geestelijke leven zou moeten maken, dan zou je kunnen zeggen dat ze haar hele leven in de geef-stand heeft gestaan. ‘En als je niet geleerd hebt om te ontvangen, dan is de koek op een gegeven moment een keer op.’

Esther heeft in al die jaren in de geef-stand een chronisch vermoeidheidssyndroom ontwikkeld. Met andere woorden, ze heeft ‘gewoon’ heel weinig energie. Ze kan niet meer zelfstandig de huishouding doen. Gelukkig heeft ze er hulp bijgekregen. Maar om te leren omgaan met het vermoeidheidssyndroom, ontvangt ze begeleiding van de zogeheten vermoeidheidskliniek. In 2018 verbleef ze tien weken bij de Hezenberg om met deze problematieke om te leren gaan. ‘Een hele goede, waardevolle periode in mijn leven. Ik ontdekte dat ik niet de enige ben die met deze dingen te kampen heeft. Je hoeft het niet in je eentje te doen. Dankzij anderen die het ook hadden, wist ik dat ik niet de enige was die soms dacht dat ik gek was. Ik heb bij de Hezenberg geleerd dat je ook mag ontvangen.’

‘De kwaliteit van jou als mens heeft niet zoveel te maken met wat je te geven hebt’

Esther zegt het geluk te hebben dat haar partner een man is die veel begrip voor haar heeft. Van hem krijgt ze veel liefde, zorg en ondersteuning. ‘Natuurlijk hoop ik dat mijn man en kinderen ervaren dat ik in geestelijk opzicht wel liefde teruggeef. Maar het eerste wat je aan een mens vaak ziet, is de fysieke buitenkant. En fysiek heb ik niet zoveel te geven. Dus ik ben nog vaak op zoek naar een betere balans. Dat is één van de dingen die ik bij de Hezenberg geleerd heb: de kwaliteit van jou als mens heeft niet zoveel te maken met wat je te geven hebt. Ook in het ontvangen kun je een goed mens zijn. Het bleek één van de valkuilen te zijn die ik met mijn opvoeding heb meegekregen. Om maar goed te doen, ging ik steeds harder rennen en brandde ik op.’

Natuurlijk gaat haar dank uit naar haar behandelaar van destijds. Maar Esther zegt heel erg blij geweest te zijn met de onderlinge contacten. In die periode begon ze op een andere manier naar zichzelf te kijken: met ogen vol liefde en respect. ‘En wat me ook geholpen heeft, is dat ik lid van een andere kerk geworden ben. Ik ben opgegroeid met het idee van God met een opgeheven vingertje, die voortdurend oordeelt en straft. In die ene reclame klinkt een bijzondere mantra: omdat je het waard bent. In mijn kerk klonk het voortdurend: omdat je het niet waard bent.’

Ik heb ook ontdekt dat er kerken zijn waarbinnen er vanuit andere perspectieven naar de mens gekeken wordt. Ik ben blij met deze ontdekking. Want dit alles is een heel groot issue in mijn leven geweest. Ik moest alles verdienen…

Uiteindelijk ben ik daaraan opgebrand. Ik beluister nu andere preken. Ik hoor nu dat je als mens de moeite waard bent. Juist omdat je een kind bent van de Eeuwige. Ik kom nu thuis bij mezelf. En bij een ander beeld van God. Ik hoef niet meer te rennen. Ik mag gewoon wandelen. En als ik op deze weg wandel, ervaar ik steeds meer perspectief voor de toekomst. Dat betekent geloven nu voor me: met vertrouwen in de wereld staan.’

De naam Esther is gefingeerd.

Click to access the login or register cheese